Op het parkeerdak van winkelcentrum Sterrenburg bereid ik me voor op een gesprek waarvan ik weet dat het uit louter eenrichtingsverkeer zal bestaan. Terugpraten mag, maar is zinloos. Als Fred vraagt hoe het met je gaat kun je rustig antwoorden met: ,,Niet best. Vanmorgen zijn mijn tuinmeubels spontaan afgebrand, mijn vrouw is er vandoor met Nick en Simon en de dokter heeft me zojuist verteld dat mijn oren geamputeerd moeten worden.” Fred zal in eerste instantie aanbieden dat hij je koptelefoon wel wil overnemen en vertelt vervolgens droogjes dat zijn krant vanochtend vijf minuten te laat bezorgd is en dat gisteravond, toen hij zijn hond wilde uitlaten, de poepzakjes op waren.
Het is meteen ook het ergste wat Fred kan overkomen, want zijn leven staat, in tegenstelling tot het mijne, perfect in de steigers. De pensioenregeling die hij heeft afgesloten is dermate rendabel dat hij met terugwerkende kracht op 6-jarige leeftijd al gestrekt kan gaan op een Balinees zandstrandje, maar dat doet hij niet, want als hoofd administratie van een mengvoederbedrijf heeft hij immers de allerleukste baan van de hele wereld. ,,Ja, ik kom écht overal… Meppel, Medemblik, Meerkerk, noem maar op.” Zijn auto is door Autoweek, Arts en Auto én Olav Mol uitgeroepen tot beste en veiligste voertuig van de eeuw en de overwaarde van zijn huis is zó groot dat de hypotheekverstrekker hem maandelijks geld aan huis komt brengen in een doosje van parelmoer. Zonder het uit te spreken geeft Fred het signaal af dat jij met een wurghypotheek in de grotten van Han woont, dat zelfs een dronken Pool nog niet in je auto wil rijden, dat je vrouw een tragische vergissing is en dat vrijwillige euthanasie een beter alternatief is dan je pensioen. Als hij na zijn ellenlange monoloog over in- en verkoopprijzen van biologisch verantwoorde mengvoeders in zijn auto stapt en ik naarstig op zoek ga naar een touw en een boom, hoor ik een doffe knal. Fred heeft zijn BMW achteruit in een paaltje geparkeerd en de schade is enorm. Terwijl ik onzichtbaar grijnzend wegloop vraag ik me af wanneer het paaltje moet voorkomen.
