
Elk jaar, zo rond de vierde mei, probeer ik de bezettingsjaren in mijn column ‘een gezicht’ te geven. Vijf jaar geleden bijvoorbeeld wijdde ik, aan de vooravond van de dodenherdenking, een column aan de Dordtse verzetsheld Gijs van Bemmelen. Het doet mij dan ook deugd te vernemen dat deze man komende vrijdag wordt geëerd met een pad op de Dordtse begraafplaats Essenhof.
Nog één keer daarom het verhaal van Gijs van Bemmelen, wiens volledige verhaal overigens is terug te lezen in het uitstekende boek ‘De Dordtse Affaire’ van Frank van Riet.
Hier de beknopte versie: Van Bemmelen was tijdens de oorlogsjaren werkzaam als opperwachtmeester bij de Dordtse politie. Ondank de enorme risico’s (als politiefunctionaris viel je in die periode immers onder het gezag van de bezetter) sloot hij zich aan bij het verzet en hielp hij joden aan onderduikadressen en voedselbonnen. Daarbij kwam het natuurlijk goed van pas dat hij zich, uit hoofde van zijn functie, ook ná de avondklok nog op straat mocht begeven. Helaas moest deze vader van vijf jonge kinderen, zijn heldenmoed uiteindelijk met zijn leven bekopen, want na een inval door de Duitsters sloeg een opgepakte onderduiker (na heftig verhoor) door en kwam Van Bemmelen in het vizier van de bezetter. In oktober 1943 werd hij, nota bene door twee rechercheurs van zijn eigen korps, aangehouden en na een verblijf van ruim een half jaar in kamp Vught, belandde hij in mei 1944 in Dachau, van waaruit hij korte tijd later werd overgebracht naar het zogeheten ‘Nacht und Nebel-kamp’ Natzweiler. Daar werd hij als dwangarbeider in een nabij gelegen tunnel te werk gesteld. Kort voor de bevrijding overleed Van Bemmelen op 45-jarige leeftijd. Dit naar verluid als gevolg van een ongeluk, al doen er ook verhalen de ronde dat hij door sadistische bewakers zou zijn doodgeknuppeld.
Ik vind het mooi en terecht dat hij nu een plek krijgt in het collectieve geheugen van onze stad.