Gesteggel over winkeltijden is zó passé…


In mijn krant werd een discussie gevoerd over verruiming van winkeltijden. Terwijl ik daarover nadacht kwam  ik al snel tot de conclusie dat ik wel héél erg m’n best moet doen om over dat onderwerp een beetje objectief te kunnen oordelen. Waarom? Omdat ik het eigenlijk wel prima vind zoals het nu is. Niet dat ik de wens tot nóg ruimere openingstijden (nóg langer op zondag bijvoorbeeld) in de weg wil staan, maar voor mij persoonlijk hoeft het nou ook weer niet per se. Maar ach… dat heeft ongetwijfeld te maken met het vorderen der jaren, want op winkelgebied heb ik tegenwoordig vooral eh… geduld. Daarbij komt dat ik als binnenstadsbewoner eigenlijk nooit speciaal ‘hélemaal naar de stad’ hoef te gaan voor een rondje funshoppen, want daar bén ik immers al. Kortom, ik heb – even los van het wat smalle aanbod alhier – méér dan genoeg aan de nu bestaande mogelijkheden.
En dan heb ik het nog niet eens over het aanbod op internet, waar ik zelf overigens weinig winkel omdat ik nu eenmaal graag de lokale middenstand steun. Noem mij ouderwets, maar ik koop mijn (af)wasmachine het liefst bij Molenaar om de hoek (persoonlijke service), voor een ‘moeilijk’ snoertje ga ik naar de Radiobeurs, voor kaas bezoek ik mijn favoriete kaasboer op de markt en eh… Rutte haal ik bij eh… Rutte.
Hoe dan ook… discussies (zéker politiek gedragen discussies) over langer open zijn op zondag en over koopavonden op welke avond dan ook, zijn volgens mij achterhaald. Ik sta op het standpunt dat winkeliers geheel en al vrij moeten zijn in hun keuzes en dat ze hun winkeltijden vooral moeten kúnnen en mogen afstemmen op de wens van hun clientèle. In sommige Europese landen beginnen winkels bijvoorbeeld vaak wat later, maar hebben ze wél de optie om hun zaak dagelijks tot een uurtje of zeven of acht ’s avonds open te houden. Zoiets dus.

Plaats een reactie