Niet wachten met tweede uitvalsweg Wilgenwende…


Laat ik deze column maar beginnen met de zin waar ik ‘m eigenlijk me wilde eindigen: natuurlijk moet dat nieuwe wijkje Wilgenwende zo snel mogelijk een tweede uitvalsweg krijgen. En ja, dat kost geld (veel geld zelfs, heb ik begrepen) maar dat geld staat in geen enkele verhouding tot de veiligheid van de mensen die daar woonachtig zijn. De wijk is immer gelegen tussen een van de drukste Rijkswegen van Europa, alsmede de Rondweg en een spoorbaan (waar geregeld giftreintjes rijden); hemelsbreed zijn ook het druk bevaren Hollands Diep en het industriegebied Moerdijk niet al te vér weg. De wijk mag dan voor het gevoel een ‘veilige Biesboschbeleving’ uitstralen (daar is ‘e ook op verkocht), maar hij is in strategisch opzicht op een nogal link punt gesitueerd. Er hoeft eigenlijk maar héél weinig te gebeuren (giftreintje wordt knaltreintje, fabriekje in Moerdijk ontploft, ongeluk op weg of water, waarbij chemicaliën betrokken zijn) en de wijk moet als het ware razendsnel  ‘schoongeveegd’ of, vriendelijker geformuleerd, geëvacueerd kunnen worden. ‘Allemaal even wegwezen mensen, want die fluoriserende gifgroene wolkjes kun je beter maar even niet inademen.’ Nu wil ik geen mensen onnodige angst aanpraten hoor: ik bedoel, als de hemel valt hebben we immers allemaal een blauwe hoed (oud spreekwoord) en als Poetin wat ál te zwaar getafeld heeft is vluchten sowieso geen optie meer, maar je wilt toch graag voorkomen dat Wilgenwende op enig moment het nieuwe Pompeii wordt.
Kortom, het staat buiten kijf dat er hier gewoon héél snel een alternatieve vluchtroute of, nóg beter zelfs, een tweede, ruim uitgevoerde uitvalsweg wordt aangelegd. Daarbij komt dat die enige uitvalsweg die het buurtje nu wél kent (in feit niet anders dan een 1800 meter lange flessenhals zonder zijstraten) eigenlijk vlak naast de spoorbaan loopt en mocht zich op het spoor iets serieus rampzaligs voordoen  dan wil je dáár nou juist zéker niet op afrijden.
Kortom… deze situatie schreeuwt om een snelle oplossing.

Plaats een reactie