
Mag je politiek bedrijven vanuit de onderbuik of is het toch beter om te allen tijde je gezonde verstand te laten spreken? Hoe ik hierop kom? Tja, dat heeft álles te maken met de oproep van OP-fractievoorzitter Ruud Lammers die zélfs van zoiets onschuldigs als een simpele ceremoniële taak een politiek steekspel probeert te maken.
Even de feiten: de Papendrechtse wethouder Jan Dirk van der Borg onthult – althans zó staat het vooralsnog gepland – komende woensdag in het Ertenpellersdorp een gedenksteen ter herinnering aan de watersnoodramp van 1953. Dát doet hij samen met de ambassadeur van Oostenrijk omdat dit land de gemeente Papendrecht kort na die ramp tien zogeheten watersnoodhuisjes schonk, die er vandaag de dag, na een liefdevolle renovatie weer prachtig uitzien. Niks aan de hand zou je zeggen, maar Lammers ziet wel degelijk een probleem en dat probleem heet Dirk van der Borg (CDA). Die is namelijk, alweer bijna een jaartje of twee, wethouder in Pape City, maar wél een wethouder waar een geurtje van boerenbedrog aan kleeft. Waarom? Omdat de man, nét voor zijn aanstelling in juni 2022, besloot om, in weerwil van wat hij tijdens zijn sollicitatiegesprek beloofd had, niet in Papendrecht maar op Goeree-Overflakkee te gaan wonen, alwaar hij op de woningmarkt kennelijk een leuk buitenkansje aantrof. De raad was not amused met die luizenstreek te elfder ure, maar besloot uiteindelijk tóch met de aanstelling van Van den Borg akkoord te gaan en de man (op jaarbasis) dispensatie voor zijn ‘woonplaats elders’ te verlenen. En ja, dat zou je wellicht wat lafjes van de Papendrechtse raad kunnen noemen, maar feit is en blijft dat de man dus wél gewoon een bestuursmandaat heeft en aangelegenheden als openingen, onthullingen en eerste palen slaan maken – naast besturen – nu eenmaal onderdeel uit van het takenpakket van een wethouder. Ik snap het chagrijn van Lammers & co best, maar je kúnt hier simpelweg niet selectief in zijn.