
Op het moment dat u deze column leest zijn ze wellicht alweer vertrokken… de beste wielrensters van de wereld. Dordt en de Tour de France (in dit geval de editie voor vrouwen) raakten elkaar liefdevol aan de afgelopen dagen en ik durf te stellen dat het een geslaagde ‘vrijage’ was; een experiment dat, in mijn ogen althans, voor herhaling vatbaar is. Daarover straks meer… eerst even terug naar afgelopen zondag. Op die dag kleurde en ‘geurde’ Dordrecht heerlijk Frans, want in aanloop naar de etappestart van vanochtend werd die dag op diverse plekken in de binnenstad groot uitgepakt met de Dordtse fietsfeesten. Hoogtepunt van dit festijn was een soort eh… ‘Place du Tertre’ rondom de Grote Kerk, met hapjes en mooie wijnen natuurlijk. Verder waren er kunstschilders en live optredens van Franstalige bandjes en oh ja… ook de inmiddels 78-jarige wielerheld (en misschien wel állervriendelijkste Nederlander) Joop Zoetemelk gaf acte de présence; hij ging zondag honderden keren geduldig met het massaal opgekomen publiek op de foto.
Kortom, een dagje Dordt in Franse sferen werkte, gezien de grote opkomst, als een tierelier. De logische vervolgvraag luidt dan: misschien in de nabije toekomst nog eens fungeren als start- of finishplaats van dit wielerspektakel? Deelname aan de Tour de France kan een gemeente immers aanzienlijke voordelen opleveren, zowel economisch als op het gebied van zichtbaarheid en toerisme. De Tour de France (ja, vandaag de dag zéker ook de vrouweneditie) trekt namelijk aantoonbaar – zo ook afgelopen zondag – duizenden toeschouwers naar een etappeplaats en daar ‘varen’ lokale ondernemers wel bij. En omdat de Tour de France wereldwijd wordt uitgezonden ‘bereiken’ stad en regio vandaag miljoenen kijkers, wat kan weer kan leiden tot een toename van toeristen, nieuwsgierig naar het ó zo cameragenieke Dordt en haar prachtige ‘achterland.’ De investering (in dit geval nog geen twee ton) betaalt zich dan, op korte én zeker ook op langere termijn, vanzelf méér dan terug.