
Herfst is, althans zo lang de zon schijnt, de wind zich gedeisd houdt en het niet regent, mijn favoriete jaargetijde. En nu hoor ik u al zeggen… wind en regen hóren toch juist bij de herfst? Da’s waar natuurlijk, maar feit is en blijft dat mijn ideale herfstdagen bestaan uit een laag hangend maar nog nét krachtig genoeg zonnetje dat in een goudbruin bos (liefst niet ver van de zee), door het lover schittert. En zo ging het dus, afgelopen week, dag in dag uit. Eén keer stormde het flink, maar toen zat ik gelukkig al aan een Texels Juttersbockje in een sfeervol strandpaviljoen, terwijl ‘Autumn Leaves’ (in de versie van wijlen Eva Cassidy) door de boxen schalde.
Met dat weekje Wadden nog in het hoofd kleum ik- verpakt in dikke jas en gewapend met plu – samen met Blafmans, via de Vest en de Veststraat richting Prins Clausbrug om eens met eigen ogen te gaan aanschouwen of het ook waar is. Wat precies? Ik keg het uit: in een eerdere column schreef ik al eens dat het landtongetje van Stadswerven (waar dat ‘gedroomde’ appartementencomplex nog wel even op zich laat wachten) uitermate geschikt zou zijn als tijdelijke uitrenplek voor viervoeters. Dat was het toch al min of meer, want op dit leegstaande stukje grond, met uitzicht op drie rivieren lieten veel binnenstadsbewoners tóch al graag hun hond uit… vermoedelijk, net als ik, stiekem hopend dat de voorgenomen bouwplannen alhier misschien nóg wel wat vertraging oplopen.
Mijn ‘boodschap’ is, zo constateerde ik toen ik op de brug arriveerde, in het stadskantoor aangekomen. Stadwerven heeft nu – dankzij adequaat handelen van wethouder Marc Merx – een prachtig en ook zeker niet al te benauwd uitrenveldje, met daarin zowaar zelfs een bankje alwaar het, met uitzicht op de rivieren, ook voor hondenbaasjes, heerlijk mijmeren is. Nu nog wat beter weer graag. Alleen daarmee konden ze me op het Stadskantoor helaas niet helpen.