
De gemeente wil bouwen op en rond de Weeskinderendijk en de ongeveer 40 huiseigenaren aldaar leven, als gevolg daarvan, alweer anderhalf jaar in onverteerbare onzekerheid. Zij moeten wijken om ruimte te maken voor het prestigieuze nieuwbouwproject Maasterras, waarvan het nog maar de vraag is of dat ooit daadwerkelijk in de ‘gedroomde’ vorm gerealiseerd kan worden.
Voordat er ook maar één heipaal de grond in gaat moeten er namelijk eerst nog diverse hordes genomen worden: grond zuiveren, Zwijndrechtse brug autoluw maken, een ‘hinderlijk’ in de weg liggend woonwagenkamp ‘verkassen’ en een industrieel spoorlijntje op de een of andere manier zien om te leiden. Kortom… een hoofdpijndossier in optima forma.
De rechter heeft Dordt inmiddels gedwongen om een besluit te nemen vóór 1 juni. Dat lijkt me (gezien die genoemde ‘hindernissen’) onhaalbaar en dus wil het college nu een ‘flexibel bestemmingsplan’ door de raad laten goedkeuren, waarmee het alsnog alle kanten op kan.
Wat in dat plan echter niet flexibel is, is de wens om te slopen; dat moet kennelijk hoe dan ook gebeuren. Waarom? Tja, volgens mij om de bewoners het gevoel te geven dat ze maar beter snel eieren voor hun geld kunnen kiezen; een beter compensatiebod dan u al was voorgelegd kómt er namelijk niet, zo stelt wethouder Burggraaf, die zich naar eigen zeggen ‘aan handen en voeten gebonden’ voelt door de Onteigeningswet.
Maar wacht even… die Onteigeningswet bestaat toch niet meer? Die kun je dan toch ook niet meer opvoeren in je argumentatie? Het is de civiele rechter die tegenwoordig bepaalt in welke mate de gedupeerde bewoners straks gecompenseerd worden.
Voordat de gemeenteraad straks dus een klap op dat ‘flexibele bestemmingsplan’ geeft, moet het toch écht eerst antwoord zien te krijgen op de volgende vraag: beste wethouder… gebruikt u willens en wetens achterhaalde wetgeving om die bewoners (én de raad dus) onder druk te zetten of is die veranderde wetgeving u per ongeluk geheel en al ontgaan?