
Er was eens een stemvork. Nee, niet zo’n lullig zilveren dingetje dat dirigenten uit hun borstzak vissen om een koor op toon te krijgen, maar een monumentale stalen joekel in het Wantijpark; een kunstwerk… een klankbaken dat ooit de toon zette voor muziekrijke Dordtse zomers.
Het ding is ontworpen door Hans Schmidt als herinnering aan het muziekevenement Stemvork ’66, destijds gelanceerd ter ere van het 55-jarig jubileum van het muziekkorps Jubal.
Onder de bezielende leiding van VVV-directeur Jan Janssen groeide het parkevenement uit tot een waar zomers spektakel, waar vele, inmiddels wat oudere Dordtenaren – liggend op een picknickkleedje – volop genoten van muziek, cultuur en zon.
Uiteindelijk bleek ‘Stemvork’ de voorloper van Wantijpop, maar het kunstwerk bleef altijd ‘dienst doen’ als een wakend oog… als een roestvrij relikwie van een swingend verleden.
Nou ja… tot op heden dan, want nu is ‘ie weg en er wordt gefluisterd dat een nostalgische muziekliefhebber hem heeft gejat en dat het object nu dienst doet als plantensteun tussen tuinkabouters en een verdwaalde flamingo.
Oud-VVV-directeur Erik Zindel, een bevlogen man met meer dienstjaren dan de stemvork zelf, wil weten waar het ding gebleven is. En terecht. Je laat toch niet zomaar een kunstwerk verdwijnen dat voor zóveel Schapekoppen een waar begrip is? Dat is alsof je de toren van de Grote Kerk afbreekt om wat meer zon op je dakpaneeltjes te krijgen.
En nu wilde ik mijn column eindigen met de oproep: beste plaatsgenoten… kijk eens goed rond in je buurt. Gluur over heggen, check je buurman met zijn verdachte lasapparaat en als je hem dan vindt… breng hem terug.
Maar dat is niet meer nodig; het kunstwerk blijkt gewoon op de Gemeentewerf te liggen, alwaar het wordt opgeknapt en het asbest er in wordt verwijderd. Hoe dan ook… blij dat ‘ie terecht is. Dit kunstwerk hoort immers niet te verroesten tussen de geraniums… hij hoort te galmen in het geheugen van de stad.