‘Voor de zekerheid voelde ik tóch even in mijn binnenzak’


Terrasje aan het water, krant op schoot, blik op oneindig. 
 Zomaar ineens stond hij naast me. Nou ja, hij zat… in een scootmobiel die eruitzag alsof ’ie auditie deed voor Fast & Furious: de senioreneditie. Het ding was opgetuigd met meer chroom dan een Harley Davidson, een vlaggetje van FC Dordrecht én een claxon die ‘La Cucaracha’ speelde. Achter het stuur zat een man met zonnebril, leren pet en een sjekkie. De bestuurder leek op Arie, maar dan dertig jaar ouder.
 Hij was het ook. En ik vermoed dat Arie precies hetzelfde dacht.„Jij bent toch die gozer van de krant? Ken je me nog?”
Arie, die ik keerde kennen in mijn tijd als rechtbankverslaggever, had vroeger twee specialismen… zakkenrollen én spullen stelen die niemand wilde hebben. Zo had hij ooit eens een tuinkabouter gejat uit een tuin in de Bleijenhoek. Dat ding bleek van beton te zijn, en tijdens de zitting vertelde hij de rechter dat hij er drie weken rugpijn van had gehad. „Zou u dat als verzachtende omstandigheid kunnen aanmerken, excellentie?” Hij bedoelde ‘edelachtbare’, maar dat woord kon hij maar moeilijk onthouden.
 Zijn carrière als kruimeldief en zakkenroller was volgens Arie ‘een roeping.’ „Nee, nooit geweld, geen gedoe, maar gewoon pakken wat je pakken kan,’’
Ik herinner me van Arie vooral hoe griezelig goed hij was als zakkenroller. Hij had fluwelen vingers en een timing waar een jazzdrummer jaloers op zou zijn. Arie kon je portemonnee lichten terwijl hij je een compliment gaf over je schoenen en dan bedankte je hem nog ook.
Na een gezellig kwartiertje namen we afscheid met een ferme handdruk en terwijl Arie wegreed voelde ik voor de zekerheid tóch even in mijn binnenzak. Weg portemonnee. |
Wat volgde was een heftig claxonconcert vanuit Arie’s scootmobiel. Met een vette grijns overhandigde hij me mijn portemonnee. „Sorry hoor, maar ik moest gewoon even checken of ik het nog in me had.’’   

Plaats een reactie