
In Dordrecht kun je tegenwoordig beter een barokke schoorsteen op je dak zetten dan een zonnepaneel. Liefst eentje met engeltjes, krullen en een Latijnse spreuk over nederigheid, want dát mag wel in het beschermd stadsgezicht.
Alleen… een zonnepaneel? Ho maar. Dat blijkt uit een recente zaak waarin een binnenstadbewoner, na jaren voorbeeldig duurzaam gedrag, van de rechter zes van zijn negen panelen moet verwijderen. Waarom? Omdat ze zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. Zichtbaar. In een stad waar afvalcontainers zijn verworden tot bovengrondse dumpplekken, waar bouwterreinen jarenlang in winterslaap liggen en waar schreeuwerige winkelpuien de zintuigen teisteren.
De welstandscommissie – doorgaans roomser dan een paus met smetvrees – vergat de bewoner te horen, vergat haar eigen regels en vergat vooral dat de 21ste eeuw inmiddels alweer 25 jaar gaande is. Resultaat: zes panelen eraf, want iemand zou ze kunnen zien. De rechtbank gaf de gemeente een tik op de vingers, maar liet het besluit vrolijk staan. Procedureel fout, inhoudelijk jammer joh. De bewoner kreeg 187 euro griffierecht terug, genoeg om één zesde zonnepaneel een waardig afscheidsrondje te geven.
En dat terwijl dezelfde gemeente jarenlang, althans in woord, uitdraagt dat zonnepanelen goed zijn voor milieu én portemonnee. Tot je ze daadwerkelijk hebt. Want ondertussen verdwijnt in 2027 ook nog de salderingsregeling, zodat je straks lekker duurzaam mag zijn op eigen kosten. Troostprijs: de btw blijft nul procent. Hoera.
Het beleid in Dordt is – zo zie ik het althans – té vaak tegenstrijdig met wat er wordt gepredikt.
Vanaf 2029 moeten nieuwe woningen op dit eiland verplicht zonnepanelen hebben, maar in historische wijken mag je ze liever niet zien. Duurzaamheid is welkom, mits discreet, fluisterstil en vooral zonder precedentwerking. Het is als prikkelende lingerie, maar dan wel gedragen onder een ketelpak.
Dit college maakt van klimaatbeleid een kostuumdrama à la Downton Abbey: veel decorum, veel om elkaar heen gedans, maar tot een potje serieus rollebollen in het hemelbed komt het eigenlijk nooit.