
De oude vrouw draagt opvallend kleurrijke kleding met bloemmotiefjes, een bril met felrood montuur en haar grijze haar is gevlochten in een lange staart. Ze staat naast me, bij een van de boekenkramen in de Museumstraat waar ze wacht tot ze de aandacht heeft van de handelaar. Als hij haar aankijkt, steekt ze van wal: ,,Ik zoek een boek”, zegt ze. Dat maakt weinig indruk op de kraamhouder, die zich zienderogen inhoudt door deze kans voor open doel niet in te schieten. Zuchtend repliceert hij iets meer informatie nodig te hebben. Die krijgt hij ook. ,,Het is een boek met daarop een tekening van twee mensen in een koetsje. Zij draagt een witte bloes en hij een blauw pak met rode stropdas. Het gaat over twee meisjes die op het platteland een kasteeltje erven. Ze zeggen hun baan op en maken er een hotelletje van. Dat gaat een tijdje goed, totdat één van hen verliefd wordt op de dorpsdokter. Maar die ene zus is stikjaloers en dan krijgen ze ruzie. Nou ja, veel gedoe en op een gegeven moment praten ze niet meer met elkaar. Dat ene meisje, die verliefde dus, maakt het uit met die dokter en gaat terug naar de stad. Uiteindelijk komt het allemaal weer goed omdat er er op dat landgoed een kind vermist is en iedereen gaat helpen zoeken. Afijn, dat kind wordt gevonden, iedereen blij, zusjes leggen het bij en het eindigt met een huwelijk in dat kasteeltje. Hebt u dat boek?” De handelaar denkt nog geen seconde na en zegt kurkdroog: ,,Nee, dat heb ik niet.” De oude vrouw bedankt en loopt door naar de volgende kraam. Ik schiet in de lach en vraag de handelaar of hij zoiets wel vaker meemaakt. ,,Wel tien keer op een dag”, antwoordt hij. ,,Maar weet je dan ook écht over welk boek het gaat?”, vraag ik. ,,Ja hoor. Het heet Eendagsbloemen, is geschreven door Leni Saris en verschenen in 1957. Is veel vraag naar. Ik wou dat ik het had.”
Hij draait zich naar een oude dame die geduldig staat te wachten. ,,Ik zoek een boek”, zegt ze.