Nooit meer doorzakken in mijn vertrouwde voetbalkantine na een middagje ballen, vlaggen of hoofdmacht aanmoedigen. Eerst dacht ik nog dat het allemaal te maken had met die rare roze-koeken-Taliban die, ergens in een achterafkeldertje van de GGD, plannetjes beraamt om ons te weerhouden van een geneugtevol bestaan. Want we mogen niet meer ziek worden in dit land en als we dat dan tóch worden is het geheel en al ‘eigen bult.’
Onze bloedjes van kinderen mogen al helemaal niet meer geconfronteerd worden met die Satan die soms de vorm van een zak chips, dan weer de gedaante van een pakje Camel aanneemt, of die zich in het allerergste geval manifesteert als een verraderlijk Breezertje.
Maar ik had het mis: niet die roze-koeken-Taliban maar de gezamenlijke horeca wil Dordtse sportclubs de afgrond in jagen, zich daarbij gesteund wetend door het college. Sportclubs in Dordrecht moeten straks twee uur na de laatste clubactiviteit stoppen met het schenken van alcohol, want kantines zijn blijkbaar de doodsteek voor de horeca. Dat is de grootste misvatting sinds de uitvinding van Buckler, Betamax en Beau van Erven Dorens als kijkcijferkanon en de nekslag voor veel sportclubs op dit eiland, die juist door de baromzet het hoofd nog enigszins boven water kunnen houden en waardoor contributies betaalbaar blijven, zodat kinderen en volwassen kunnen blijven sporten. Denkt de gezamenlijke horeca in deze stad nou écht dat we straks, als de tap in de kantine droog staat, massaal de kroeg in duiken om ons chronische alcoholtekort aan te vullen? Geloof me, de meeste ‘kantineplakkers’ zijn clubmensen die nooit in een café komen. Ik stel voor om in voetballand de veteranencompetitie nieuw leven in te blazen. Alle wedstrijden beginnen om kwart over vijf ’s middags: we maken ons niet druk en we zoeken geen ruzie met de tegenstander of de scheidsrechter. Nee, we verspillen géén kostbare energie: die hebben we straks nog hard nodig in de kantine, waar we nog tot negen uur ’s avonds onze wereldpotjes uitgebreid gaan evalueren onder het genot van een welverdiend biertje.