
Zoals beloofd vandaag het vervolg op mijn verkeerscolumn van eergisteren. In vogelvlucht nog even hét probleem: buitenwijkers en dagjesmensen trekken (vooral in de weekends) massaal naar het centrum en doen dat – ongeacht ongemakken als stadsfiles – het liefst nog altijd per auto. Tegelijkertijd wordt er door een gemeentebestuur met overigens begrijpelijke vergroeningsdrang – in de binnenstad parkeerruimte opgeofferd voor bomen en planten, waardoor binnenstadsbewoners (het centrum is immers óók nog eens gewoon een woonwijk) zich steeds vaker een lage liesbreuk zoeken naar plekjes voor hun eigen auto. Gevolg: van deze ‘knellende’ belangen is dat het chagrijn momenteel hoogtij viert.
Oplossingen? Tja, die zijn er wel, maar daar zijn stevige investeringen mee gemoeid. Mijn ideeën op een rijtje: het stadshart is van alle kanten prima met de benenwagen aan te stiefelen en mag dus best nóg autovrijer en groenrijker worden. Voorwaarde is dan wel dat er, nét buiten het centrum, nog minstens één parkeergarage voor binnenstadsbezoekers moet bijkomen. Waar? Tja… die parkeergarage Veemarkt is afgebroken… achteraf gezien dom, maar niet meer terug te draaien. En dus moet parkeergarage Spuihaven nu serieus in versneld tempo worden uitgebreid en zou er een nieuwe garage (deels ondergronds) gebouwd moeten worden achter de rechtbank. Samen met de parkeergarage Achterom en de ‘parkeer-pendel-mogelijkheden’ aan de Weeskinderendijk en het Energiehuis móet dat voldoende zijn om aan de vraag te kunnen voldoen. Mijn motto: hoe verder van het centrum, hoe goedkoper en zo’n pendelbusje moet in de prijs worden inbegrepen. Om de parkeernood van binnenstadsbewoners te ledigen zouden de parkeergarages Visstraat, Drievriendenhof en Riedijkshaven (al dan niet letterlijk in gemeentelijke handen) kunnen worden ingezet als louter bewonersplekken tegen de gebruikelijke vergunningstarieven. Op de Grote markt moet dan ook nog eens een, liefst ondergrondse, bewonersgarage komen. Dat scheelt zaterdagse en tegenwoordig ook zondagse verkeersophopingen in de binnenstad. Duur? Ja, dát wel, maar met louter pappen en nathouden (want zó gaat het nu) bereik je helemáál niks.