Herfst in de Elzen… wat een meesterwerk


‘Dáár moet je nou eens een column over schrijven!’
In de achttien jaar dat ik voor deze krant schrijf heb ik die opmerking vaker gehoord dan welke andere ook.
Het overkomt me op straat, in een winkel, op een terras of ergens tussen de bloemkolen in de supermarkt. Mensen dragen onderwerpen met zich mee en zodra ze deze columnist tegenkomen, willen ze die graag even afgeven.
Vond ik dat ooit vervelend? Nee.
Integendeel zelfs. Een columnist behoort uiteindelijk tóch een beetje de barometer van de stad te zijn. Alleen al luisteren naar wat er leeft is trouwens vaak het halve werk. Je vangt een zin op, hoort een verzuchting of ziet een glimlach en voor je het weet ontstaat er een verhaal.
Vanmorgen echter besloot Dordrecht te zwijgen. Geen afspraken… de dag voor mezelf. En dus besloot ik, samen met Blafmans, een wandeling door De Elzen maken. Dat was een goeie beslissing want de herfst had hier zojuist haar allermooiste meesterwerk afgeleverd. Zonlicht viel tussen de bomen als vloeibaar goud. Over de paden lag een tapijt van koper, amber, rood en alle tinten daartussen. Hier en daar liet een tak een handvol bladeren los die langzaam naar beneden zweefden, alsof ook zij geen enkele afspraak hadden.
Maar het mooiste van alles was de stilte.
Geen fietsers.
Geen wandelaars.
Geen gesprekken.
Op sommige momenten had ik het gevoel dat dit prachtige natuurgebied uitsluitend voor mij en mijn viervoeter was gereserveerd. Wat een ongekende luxe is dat eigenlijk. In een wereld waarin iedereen voortdurend bereikbaar, zichtbaar en hoorbaar moet zijn, bestaat er gelukkig nog een plek waar stilte gewoon stilte mag zijn.
Ruim een uur lang kwam ik niemand tegen; geen enkele stadsgenoot gaf mij een onderwerp cadeau.
Pas toen Blafmans en ik weer bij de auto stonden, hoorde ik een stemmetje in mijn hoofd.
‘De Elzen in de herfst… dáár moet je nou eens een column over schrijven.’

Geef een reactie