Gezeur


otto

De Nederlander bestaat niet, zei ooit Maxima en met die uitspraak (bijna tien jaar geleden) wist ze de halve natie op de kast te jagen. Nu moet ik Maxima’s woorden natuurlijk wél in de juiste context plaatsen. Ze bedoelde namelijk te zeggen dat Nederland simpelweg te veelzijdig is om in clichés te vatten. Daar was en ben ik het nog altijd mee eens… op één dingetje na dan. Één cliché is op nagenoeg alle Nederlanders van toepassing, namelijk dat we graag een potje mogen zemelen. Dat geldt trouwens ook voor mezelf hoor… ik ben niet voor niets columnist geworden. Het ‘gezeur van de dag’ vind ik vaak terug op de Facebookpagina van mijn dagblad en de mate van dat gezeur is voelbaar aan het draaischijfje op mijn muis, want hoe langer ik moet scrollen om alle reacties op een artikeltje te kunnen lezen, hoe belangrijker men iets kennelijk vindt. Zo’n echte ‘doorscroller’ was een stukje in deze krant (en op onze Facebookpagina) over het restaurant Otto e Mezzo, gevestigd in een piepklein voormalig visafslaggebouwtje op de Vismarkt. Otto e Mezzo wil uitbreiden en mag dat ook van de gemeente. Maar Dordt, ook op zeurgebied de oudste stad van Holland, zou Dordt niet zijn als we daar niet eerst met z’n allen een lekker potje over gaan lopen bekvechten. Die uitbreiding, zo roepen een paar omwonenden, levert maar herrie en overlast op en is ook een aantasting (zo vindt dan weer de Bond Heemschut) van het uiterlijk van dit Rijksmonumentje. Ik vind het allemaal écht gezeur. Over die overlast kan ik niet oordelen (ik woon aan de andere kant van de binnenstad, maar volgens mij valt het reuze mee) en van een zware aantasting van een monument is hier volgens mij zeker geen sprake. Hou me ten goede, ik ben dol op de vele monumenten in mijn stad, maar die staan er niet om te verstoffen. Monumenten komen het best tot hun recht als ze bewoond of gebruikt worden en die paar aanpassingen (er wordt niks gesloopt) verschaffen dit pandje louter meerwaarde. We wonen verdorie toch niet in een openluchtmuseum?

Advertenties