
Ambtelijke molens draaien traag… daar ben ik me, na een inmiddels lange loopbaan in de journalistiek, écht wel van bewust. De vraag is en blijft: waarom is dat eigenlijk zo? En eh… nog belangrijker: hoe kun je ambtelijke molens dan wat sneller laten draaien? Op het gevaar af dat ik nu wat al te populistisch overkom is mijn conclusie toch echt: misschien moet je sommige ambtenaren zo nu en dan eens een ferme schop onder hun kont geven. En nee, dat bedoel ik niet letterlijk hoor (ik ben niet zo van fysiek geweld) maar eh… misschien toch eens een keertje wat overuren gaan draaien wellicht? Klokkie rond, noemen ze dat in het bedrijfsleven.
Waarom ik dit zo ongenuanceerd opschrijf? Omdat ik het niet kan verkroppen dat een Europees verbod op PFAS een jaar wordt uitgesteld, simpelweg omdat er hier en daar wat ambtenaren brullen dat ze meer tijd nodig hebben om de (ongetwijfeld vele) dossiers hierover nader te bestuderen. En nee, da’s niet letterlijk de reactie, maar daar komt het hele verhaal uiteindelijk wél op neer. En dat vind ik onacceptabel, want intussen gaat ‘het grote vergiftigen’ van mens en milieu gewoon door en komt dat mogelijke Europese verbod op PFAS-stoffen er – áls het al zover komt – pas hooguit in 2028.
En nu begrijp ik best dat hier om een uitermate gecompliceerd aangelegenheid draait, waarin zaken als wetgeving, grondige evaluatie van wetenschappelijke gegevens en goed afgewogen internationale afspraken een rol spelen. Toch frustreert het me mateloos dat het allemaal zó lang moet duren terwijl er in de tussentijd elke dag nog altijd mensen doodziek worden als gevolg van blootstelling aan PFAS-stoffen.
Mijn boerenverstand zegt dat het wel degelijk mogelijk moet zijn om onderzoeks- en besluitvormingsprocessen te versnellen, zonder per definitie aan zorgvuldigheid te verliezen. Het voelt bij mij in ieder geval aan als ál te uitvoerig overleggen over de meest efficiënte blusresultaten terwijl het huis al in brand staat.