Met een klein bordje kan ik Zeeman en Wibra ook wel vinden


11746_fullimage_voorstraat%20govers_jpg_560x350

Je moet van je stad geen openluchtmuseum maken. Die opmerking heb ik al vaak moeten aanhoren als reactie op mijn opmerkingen over de toenemende lelijkheid van het centrum en over de ideeën die ik in discussies en columns inbreng om het stadshart weer wat fraaier te laten ‘ogen’. Ik denk dat dat zinnetje ergens is terug te vinden in het lespakket van stadsontwikkelaars en architecten, want het rolt er elke keer weer nagenoeg automatisch, ja bijna onnadenkend uit, als ‘afsluiter’ van elk gesprek dat stadsvernieuwers, ‘stadsbewakers’ en stadsvormgevers over dit onderwerp voeren. Het is een ‘dooddoener’ geworden… zoiets als ‘de bal is rond’ bij een discussie over voetbal of ‘dat kan mijn kleine zusje ook’ als het om abstracte kunst gaat. Aanleiding was dit keer een opmerking die ik onlangs, bij een gesprek met wat gemeenteambtenaren op de Visbrug, plaatste over de oogverblindende lelijkheid van reclame-uitingen op de gevels van winkels in het centrum. Vanaf het terras van Centre Villle (op diezelfde Visbrug) wordt je netvlies getrakteerd op een mooi ‘plaatje’ waarin een hoofdrol is weggelegd voor het beeld van Johan en Cornelis, de Gulden Os (het bibliotheekgebouw) de Voorstraathaven en de achterzijde van het Stadhuis. Maar helaas, je kijkt ook de Voorstraat West in en dan heb je minstens vijf Ruttes nodig om je niet te storen aan die vreselijke reclameborden van Wibra, Zeeman, Aktie Sport en Schoenenreus. Die borden, in combinatie met allerlei uitstallingen, slecht onderhouden panden en onverzorgde etalages, nemen het zicht weg op de schoonheid van mijn stad. Ze ontsieren het stadsbeeld en schreeuwen uit dat Dordt een goedkope snol is in plaats van de fraai oud geworden dame van stand die ze eigenlijk hoort te zijn. Ik roep de gemeente daarom op om een reclamerestrictie in te stellen: alleen nog kleine houten bordjes of metalen schildjes in de binnenstad. Ik heb namelijk geen megabord nodig om te weten waar Zeeman en Wibra zitten en weet ze, ook zonder die schreeuwerige borden, wel te vinden als ik nieuwe sokken nodig heb. En trouwens, wat is er mis met een openluchtmuseum? Lijkt me heerlijk wonen.

Advertenties

One comment

  1. Dag Kees,

    Voor wat betreft de reclame ben ik het helemaal met je eens. Dat moet anders, bijvoorbeeld zoals voorheen die vaak prachtige uithangborden, ware kunstwerken soms. Ze hoeven niet groot te zijn, enige terughoudendheid gepaard aan goede smaak zou fijn zijn.
    De zinsnede dat Dordt( je weet hoeveel ik van onze stad houd)een fraai oud geworden dame van stand is schuurt bij mij een beetje. Natuurlijk, het oude centrum telt veel oude woningen waarin koopieden en reders “van stand” woonden. Vergeet echter niet de krotten die grotendeels na de tweede wereldoorlog gesloopt werden, huisjes waarin bittere armoede geleden werd. Daar woonden ooit de havenarbeiders, sjouwers, roeiers, bootgasten van de binnenvaart die het niet breed hadden.Eind negentiende eeuw werd Dordt een industriestad zonder weerga. We hadden grote fabrieken zoals de EMF, Victoria, diverse grote scheepswerven waarvan “De Biesbosch’ en “Hoebee” denk ik de grootste waren. We hadden “Lips’ en de “Meterfabriek”. Ik zou door kunnen gaan met benoemen, dat doe ik niet, ik geef slechts aan dat Dordt een prachtige oude industriestad, binnenvaarthaven met alle kroegen en hoeren die daar nou eenmaal bij horen was en in mijn ogen niet de oude dame van stand zoals jij haar noemt.
    Weet je dat ik zelf nog als stoker gevaren heb op een stoomsleepboot, direct na de oorlog?
    Vriendelijke groet,
    Wim.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s