Tijdschrift Dordt Eigen-Aardig: feest voor ‘Dordtofielen’


Carmiggelt‘Op die plek waar jij nu zit zat ooit Simon Carmiggelt.’ Stiekempjes groeide ik wel een beetje van die opmerking want aan deze grote scribent, nét als ikzelf toch een leverancier van dagelijkse pennenvruchtjes over het alledaagse, mag ik mijzelf graag een beetje spiegelen. Natuurlijk ben ik mij bewust van mijn bescheiden plekje op deze planeet en ik realiseer me donders goed dat elke vergelijking verder dan ook grotendeels mank gaat: Carmiggelt was de meester-verteller en ik ben niet meer dan de moedig voortsukkelende adept in zijn te smalle schaduw. Tóch vond ik het wel een eervolle opmerking van Jaap Bouman, collega-journalist en huishistoricus van deze krant en dus nam ik het tafereeltje om me heen nog eens extra in me op. Ondanks het druilweer was het druk op het verwarmde terras van Centre Ville, waar in ieder geval alle overdekte stoeltjes bezet waren met lunchende dagjesmensen en stamgasten aan de ‘koffie-mét.’ Voor AD De Dordtenaar schrijft Jaap al sinds jaar en dag de goedgelezen rubriek Dordt Eigen-Aardig en op deze middag toont hij mij vol enthousiasme een kleurrijk tijdschrift, waarin veel van die prachtverhalen over de rijke geschiedenis van deze stad gebundeld zijn. ,,Het tweede nummer alweer,’’ zegt Jaap trots. Ik blader en lees over het feit dat al in 1896 in Dordrecht een heuse film vertoon werd en dat je in de bioscoop Astoria, aan het begin van de vorige eeuw vooral geen ‘wulpssche bewegingen’ mocht maken. Verder beschrijft Jaap een moord in de Torenstraat in 1928 die, toevalligerwijs veel overeenkomsten vertoont met een moord, vorig jaar in diezelfde straat. En wat kwam de wereldberoemde ontsnappingskunstenaar Houdini in 1903 in deze stad doen? ,,Kijk en dit is het artikel over Carmiggelt,’’ vertelt Jaap. Hij kwam hier graag en vaak en ging dan op bezoek bij tekenaar Otto Dicke of schrijver Kees Buddingh’, met wie hij bevriend was. Twee van zijn stukjes over Dordrecht heb ik, met toestemming van de erven Carmiggelt, mogen opnemen.’’
Ik vind het tijdschrift van Jaap een feest en een ‘must’ voor iedere rechtgeaarde ‘Dordtofiel,’ al verschaften de Dordtse kronkels van Simon mij een ontnuchterend lesje in nederigheid.

Advertenties