Ferry bedankt altijd ‘namens de meisjes’


trampVan Ferry, die dagelijks zijn medicijnen komt halen bij Yulius, weet ik dat hij uitkijkt naar de zomer. Hij is met het stijgen der jaren kouwelijker geworden en bracht de afgelopen winter, naar eigen zeggen, ‘moeizamer dan ooit’ door in de ouwe loods die hij thuis noemt. Hij mag daar slapen van de eigenaar die hem nog kent uit betere tijden. Ferry, nu bijna zeventig en in een vorig leven lasser bij een scheepswerf, woont daar samen met vijf poezen. Bij de kassa van de supermarkt posteert hij zich altijd behendig nét na mij in de rij en zet zijn blikjes met kattenbrokken achter mijn boodschappen op de rolband. Zonder me aan te kijken verplaatst hij mijn beurtbalkje dan zodanig dat zijn kattenvoer voor mijn rekening komt. Achteloos verplaats ik dat ding dan altijd weer een stukje naar voren, zodat ik niet óók nog eens voor Ferry’s zes halve liters bier opdraai. Eenmaal buiten bedankt hij me altijd ‘namens de meisjes’ en bietst hij nog een sigaretje voor de terugweg.
Die terugweg richting De Staart duurt lang want Ferry, die altijd minstens drie paar sokken over zijn half-kapotte schoenen draagt, legt die route te voet af. Zonder haast overigens, want die dagelijkse wandeling tussen buitenwijk en binnenstad is, naast rondhangen op het Vrieseplein, zo’n beetje zijn enige dagtaak.
,,Het wordt maar niet warm hé?’’ schreeuwt hij me toe bij de weggeefkast, waar hij nét bezig is twee ouwe slaapzakken in een Dirk-tas te proppen. ,,Mazzelpik,’’ roep ik terug, want slaapzakken tref je daar zelden aan. Ferry grijnst zijn bekende grijns en brult: ,,Ga je naar de Spar of naar de Dirk?’’ Ik antwoord niet, maar als ik tien minuten later bij de kassa sta, sluit hij alweer strategisch aan. Omdat ik in een plagerige bui ben haal ik het beurtbalkje tussen zijn en mijn boodschappen zelf maar eens weg. ,,Vandaag ben ik jarig, dus nu reken jij af.’’Ferry verschiet van kleur en graait haastig zijn blikjes kattenvoer van de band. ,,Geintje man,’’ zeg ik geruststellend.
Nog nooit eerder zag ik zo’n heerlijk mooie, opgeluchte grijns. En dát zonder tanden.

Advertenties