Groothoofd


Monument-Groothoofd.jpg

De gemeente heeft een paar ton verdiend… vier om precies te zijn. Hoe? Door aangekocht onroerend goed met vette winst door te verkopen. Het gaat hier om zeven panden aan het Groothoofd en de Palingstraat. De gemeente kocht ze voor 574.328 euro en ‘sluisde’ ze vervolgens weer linea recta door naar projectontwikkelaar Dudok, die er ongeveer een miljoen voor betaalde. En nu hoor ik u al denken… hoe kan het nou dat de gemeente die panden (die gezamenlijk minstens twee miljoen euro waard zijn) voor zo’n belachelijk lage prijs kon aankopen en voor een even belachelijke prijs weer doorverkoopt? Dat zit als volgt. De zeven panden waar we over praten, waaronder de cafés Jongepier en Groothoofd, waren eigendom van Woonbron. In 1995 werd het gemeentelijk woningbedrijf geprivatiseerd en bij die overdracht werd bedongen dat de gemeente het eerste recht van koop had en dat dan ook nog eens tegen de destijds geïndexeerde boekwaarde. Mooi toch, zou je denken? Afspraak nagekomen en de winst komt ten goede aan de exploitatie van het gemeentelijk vastgoedbedrijf. Daar konden ze wel een succesje gebruiken, want op vastgoedgebied heeft de gemeente in het verleden al heel wat blauwe plekken opgelopen.
Ik zou er verder geen aandacht aan hebben besteed, ware het niet dat ik mailtjes ontving van zowel een bewoner van een van die panden, als van een aantal projectontwikkelaars. Hun reacties waren, en nu druk ik me nog voorzichtig uit, behoorlijk verontwaardigd van toon. ‘Kan dat zomaar, zonder dat ik daar als huurder en misschien wel potentiële koper in gehoord ben?’ vraagt deze bewoner zich af. En ‘Hé, dat is gek… ik had het dubbele geboden, maar ik maakte geen schijn van kans,’’ schrijft een (mij bekende) Dordtse vastgoedondernemer. Ik misgun Dudok die panden zeker niet, maar beide reacties spoken wél al dagen door mijn hoofd. Gemeentelijk vastgoed moet toch wettelijk minsten zes weken in de openbare verkoop staan, zodat iedereen een kans heeft om mee te bieden? Het laatste woord is hierover nog niet gesproken, zo verzekerde mij de ondernemer. Ik begrijp zijn boosheid… dit riekt een beetje naar Roermond.

Advertenties