Stadswerven is een beetje geworden als een showroomkeuken


Er zijn van die plannen waarvan je achteraf denkt: had ze nou vooral niet zo mooi getekend. Neem Stadswerven. Ooit gepresenteerd als de Dordtse versie van Kopenhagen. Een bruisende stadswijk aan het water, waar wonen, werken, cultuur en horeca elkaar vanzelfsprekend zouden ontmoeten. Een verlengstuk van de historische binnenstad, compleet met levendige kades, verrassende steegjes en een maritieme ziel.
De tekeningen waren schitterend. Je rook bijna de espresso op de terrassen. Nu wandel ik er regelmatig met Blafmans en los van het feit dat we beiden genieten van het uitzicht, kom ik tot de conclusie dat dit stadsdeel uiteindelijk niet geworden is wat het had móeten worden. Ja, het is er netjes. Heel netjes zelfs. Zo netjes dat je je bijna schuldig voelt als je een keer hard niest.
Begrijp me goed: de woningen zijn prachtig en de bewoners treffen geen blaam. Maar waar ooit een levendige stadswijk was beloofd, kreeg Dordrecht vooral een keurige verzameling appartementen met uitzicht. De levendigheid bleef ergens onderweg achter in een vergaderzaal, vermoedelijk tussen een bezuiniging en een gewijzigde businesscase.
Ik herinner me nog hoe ik me verheugde op basis van de zogeheten artist impressions. Daarop zie je mensen lopen met boodschappentassen, zie je kinderen ijsjes eten en op iedere hoek zit een gezellig café. In werkelijkheid tref je er vooral wandelaars aan die elkaar vriendelijk aankijken met dezelfde vraag: „Waar is iedereen eigenlijk?”
Misschien is dat ook de nieuwe definitie van stedelijke dynamiek. Als twee elektrische fietsen elkaar passeren zonder botsing, is er sprake van een bruisend stadsleven.
Toch blijft het jammer. Want juist Dordrecht, met zijn rivieren, geschiedenis en karakter, verdiende hier iets uitzonderlijks. Een wijk waar je niet alleen slaapt, maar ook blijft hangen. Waar spontaan iets gebeurt. Waar verhalen ontstaan.
Stadswerven is uiteindelijk een beetje geworden als een showroomkeuken. Prachtig afgewerkt, peperduur en glanzend schoon. Maar je mist de geur van suddervlees, een omgevallen glas rode wijn en iemand die luid roept dat het eten klaar is.
Dat heet leven.

Plaats een reactie