FC Dordrecht: als we gaan, dan gaan we met z’n allen


sjeepGaat het goed met FC Dordrecht? Ondanks die rode lantaarn durf ik die vraag toch met een volmondig ja te beantwoorden. En nee, ik ben niet gek geworden.
De term scorebordjournalistiek is ooit verzonnen door Co Adriaanse die, in 2005, toen zijn ploeg AZ met 5-1 van Roda JC verloren had, wilde aangeven dat de pers niet louter en alleen naar de uitslag moest kijken, maar vooral naar de wijze waarop zijn ploeg gespeeld had. En Co had gelijk, want het eindresultaat was een overdreven weerspiegeling van de werkelijke krachtsverhouding op het veld.
Als je op dit moment louter naar de simpele feiten kijkt kun je droogjes vaststellen dat FC Dordrecht op dit moment het zwakste broertje van de eredivisie is: de minste punten, de meeste doelpunten tegen, het minst gescoord, het laagste budget, het kleinste stadionnetje en bungelend onderaan de ranglijst. Dát is scorebordjournalistiek en daar is op zich niks mis mee, want feiten zijn nu eenmaal feiten. Tóch geven die feiten niet de volledige werkelijkheid weer.
Die ‘nieuwe’ werkelijkheid is namelijk dat onze lokale FC vandaag de dag, meer dan ooit leeft in de harten van voetbalminnende Dordtenaren. Afgelopen zondag was ik op verjaardagsvisite (kon de wedstrijd dus voor één keer niet zien op FOX) en plotseling zag ik iemand woedend zijn smartphone in de driezitsbank gooien. ,,Verdomme, rood voor Haddad’’, klonk het gefrustreerd. Het gesprek ging vervolgens over FC Dordrecht en het viel mij op dat het gezelschap oprecht de smoor in had over het wedstrijdverloop (de nederlaag tegen FC Twente dus) en bij de discussie die daarop volgde dreunden de aanwezigen moeiteloos de opstelling van het huidige Dordt op. Dat was wel eens anders: als je, pak hem beet, een jaar of vijf geleden, de Voorstraat op zou gaan en het winkelend publiek zou vragen om eens wat FC Dordrecht-spelers te noemen, dan zou de ‘oogst’ nul, of bijna-nul zijn. Het FC Dordrecht van vandaag is wel degelijk ‘van’ Dordt geworden. Nu alleen nog even 22 finales spelen. En als we dan tóch ten onder gaan, dan gaan we in ieder geval ‘schapetrots’ met z’n allen ten onder. Zó voelt het.

Advertenties