Douwe Dinsdag


douwe‘Mogen wij er bij komen zitten?’ Ik knik bevestigend want een dergelijke vraag beantwoord je zonder geldig excuus nu eenmaal niet met nee. Het zijn trouwens ook de enige nog lege stoeltjes op het drukke terras aan het Groothoofd. De man en de vrouw die aan mijn tafeltje plaats nemen, zijn overduidelijk dagjesmensen. Dat vind ik best, al heb ik verder even geen trek in een nadere kennismaking omdat ik door wil gaan met wat ik al aan het doen was, namelijk mijn krantje lezen. Maar dát zit er niet meer in, want mijn kersverse tafelgenoten, gehuld in ‘matchende’ zomerjasjes, hebben zich overduidelijk voorgenomen het gesprek aan te gaan. ,,Weertje hè?’’ luidt de  openingszin van de man. Ik beaam dat met een vriendelijk knikje en ga door met lezen. Daar kom ik niet mee weg, want de volgende vraag dient wel degelijk verbaal gerepliceerd te worden. ,,Hij was goed hè… Douwe… dinsdag?  Zegt de vrouw.
Ten derde male neem ik afscheid van mijn dagblad en vraag: ,,Douwe Dinsdag… is dat een darter of zo?’’ Het dagje-Dordt-duo bekijkt me nu alsof ik van een andere planeet ben. ,,U weet toch wel wie Douwe is?’’
Mijn hersens werken nog niet op volle toeren… even denken. Ik ken Douwe Dabbert, da’s een stripfiguur, ik ken Douwe Egberts, van de koffie en Pia Douwes van de musicals. Dan krijg ik een helder moment: ,,Oh, Douwe Bob, bedoelt u… van het Songfestival?’’ Kwartjes vallen in de volle zon vaak laat bij mij. ,,Ja, precies die,’’ zegt de vrouw. Ik zag onlangs nog de documentaire over Douwe Bob en zijn aan Korsakov lijdende vader, de beeldend kunstenaar Simon Posthuma, die als oprichter van het kunstenaarscollectief The Fool, in de jaren zestig deel uitmaakte van de Beatles-entourage. Maar van hem had het echtpaar nog nooit gehoord. Mijn grap dat ouwe Bob eigenlijk veel beroemder is dan Douwe Bob, kwam dan ook niet aan en dus dook ik nog dieper de krant in. ,,Best een leuk liedje,’’ probeerde de vrouw nog. ,,I love you too baby’’ wou ik nog zeggen, maar ik kon me gelukkig inhouden.

Advertenties