Smartphone


Group-of-Young-People-TextingIn de wachtkamer wacht ik op mijn beurt. Nou ja, wachten zou ik het niet meer willen noemen, want ik vermaak me prima met mijn smartphone: ik tik wat berichtjes en lees de digitale versie van mijn krant. De man naast me staart zuchtend naar de klok. Zijn leed dat wachten heet moet, zo vindt hij, eerlijker verdeeld worden en dus word ik ongevraagd bij zijn lijden betrokken. ,,Ik snap niet wat je daar in ziet,’’ zegt hij, wijzend op mijn telefoontje. Ik leg hem uit dat ik de krant aan het lezen ben en dat ik tussendoor wat communiceer met mijn kinderen, die in respectievelijk Kroatië en Spanje op vakantie zijn. Daar begrijpt hij niks van. ,,Die dingen zijn toch om te bellen? Trouwens, ik vind het niks, al die mensen die de hele dag naar zo’n scherrumpie zitten te staren.’’
Omdat ik vind dat de man ergens wel gelijk heeft én omdat hij om een praatje verlegen zit, schuif ik mijn telefoon terzijde. ,,Hoe laat was uw afspraak?’’ vraag ik hem. Die voorzet op maat kopt hij dankbaar in. ,,Een half uur geleden al. Dat geloof je toch niet?’’
Op dat moment komt er een assistente naar buiten die mijn naam afroept, precies op het afgesproken tijdstip. Nu komt mijn buurman in opstand. ,,Maar ik zat hier al veel eerder?’’ brult hij, zwaaiend met zijn afsprakenbriefje. De vrouw leest de brief en zegt: ,,Ja, maar u zit hier verkeerd, u moet een balie verderop zijn.’’ Woest beent de man weg.
Tien minuten later kom ik hem tegen op de parkeerplaats. Hij is op zoek naar een specifiek adres om steunkousen op te halen. ,,Ik heb alleen de naam van het bedrijf. Weet jij waar ze zitten?’’ Ik pak mijn smartphone, vindt het bedrijf, plus het adres en wijs hem hoe hij moet rijden. Zonder te bedanken neemt hij plaats achter het stuur. ,,Toch wel handig hè, zo’n scherrumpie?’’ zeg ik, voordat hij z’n deur dicht slaat. Dán schiet hij in een blozende lach en zegt: ,,Dat was míjn tekst toch? En ehh… bedankt hé.’’

Advertenties