Tirade


bozebellerIk ben een Gülen-aanhanger. Dat wist ik niet (had vóór de couppoging in Turkije nog nooit van de man gehoord) maar het werd me gisteren telefonisch in mijn oor geschreeuwd door een woedende jongeman, die zich gestoord heeft aan het feit dat ik ‘zijn’ president Erdogan, in een eerdere column, een griezelige dictator heb genoemd.
Nu zat ik nét te eten en met een mond vol kun je niks terugzeggen, dus liet ik de man uitrazen. Mijn zwijgen werkte als een rode lap op een stier, want de tirade hield minuten lang aan. ,,Als je aan Erdogan komt, kom je aan ons’’, luidde de strekking van de brulboodschap. Ik vroeg hem nog wie ‘ons’ was en of hij Dick Advocaat óók zo’n goeie keus vindt als trainer van Fenerbahçe, maar een antwoord bleef uit. Met een woest ‘als jij ooit in mijn land komt zul je bungelen aan een boom’ hing hij op en terugbellen was niet mogelijk aangezien mijn mobieltje ‘anoniem’ aangaf. Nu ben ik geen held ‘by nature’, maar het telefoontje maakte weinig indruk op me, simpelweg omdat ik me niet bedreigd voel door een machteloze frustraat die even zijn eitje kwijt moet. Verder had ik tóch al geen plannen om naar Turkije te gaan (Blafmans wil altijd naar Terschelling) al lijkt het me een prachtig land met veelal leuke en gastvrije inwoners. Maar nu moet je er gewoon even niet zijn… niet om je zakken te vullen bij een voetbalclub en ook niet om vakantie te vieren. Wie tóch gaat is óf dom, óf harteloos, want in Turkije worden de mensenrechten momenteel met voeten getreden.
Ik ben het dan ook eens met het Dordtse raadslid Kitty Kruger (GroenLinks) die stelt dat haar Gorcumse collega Ilhan Tekir zich ‘op glad ijs’ begeeft door zijn steun uit te spreken voor Erdogan. Ze had zich nog wel wat stelliger mogen uitspreken, want je kunt immers niet ‘van’ GroenLinks zijn en tegelijkertijd ook nog eens pro-Erdogan. Ik ga nog een stapje verder: die stelling geldt voor alle ‘Nederturkse’ politici, ongeacht de partij die ze in democratisch Nederland vertegenwoordigen.

Advertenties