Aron


handDe afgelopen nacht bracht hij, naar eigen zeggen, door in de kelder van de parkeergarage bij mij aan de overkant. Dat deden Afrikanen op doorreis, tot enkele jaren geleden wel vaker. De laatste tijd niet meer, omdat het personeel bij het nachtelijk afsluiten tegenwoordig, intensiever dan vroeger, controleert op logés.
De jongeman, die beweert uit Gambia te komen, spreekt mij aan als ik vroeg in de ochtend met een vuilniszak via de Kromme Elleboog richting de vuilcontainer op de Vriesestraat loop. ,,Excuse me sir’’, klinkt het in keurig Engels. Ik draai me om en sta oog in oog met iemand die er niet bepaald uitziet alsof hij zojuist in een parkeergarage geslapen heeft. Zijn trainingspak is schoon en fonkelnieuw en de koffer op wieltjes die naast hem staat ziet er nog vrijwel ‘onbereisd’ uit. Hij stelt zich voor als Aron en vraagt me vriendelijk om een eurootje. Daar kan ik hem even niet aan helpen, maar de door hem gevraagde sigaret, inclusief vuurtje, kan ik hem wél aanbieden en zo raken we in gesprek. Aron vertelt me op weg te zijn naar Brussel, waar hij familie heeft wonen. ,,Nee, ik ben geen asielzoeker… gewoon vakantieganger.’’
Als ik hem vraag waarom hij, als ‘gewoon vakantieganger’ dan om een eurootje bedelt en in een parkeergarage slaapt, zegt hij besmuikt: ,,Tja, Amsterdam was leuk, maar uiteindelijk wél een beetje duur. Ik heb geloof ik iets te veel geblowd en gezopen en ik ben op een bankje in slaap gevallen Toen heeft iemand kennelijk m’n portemonnee gerold. Ik kon gisteren van een vrachtwagenchauffeur een lift naar het zuiden krijgen, maar die man ging niet verder dan deze stad. Hoe heet het hier eigenlijk? En hoe ver zit ik nu van Brussel af?’’
In mijn broekzak blijkt zich tóch nog een los eurootje te bevinden. Terwijl ik hem die toesteek zeg ik: ,,Nu nog ongeveer 29 keer een eurootje bedelen, dan zit je vanavond al in de trein.’’
Aron lacht en zegt: ,,Dat moet lukken toch?’’
,,Piece of cake… Dordrecht is a wealthy town’’, lieg ik, want ik geloof er nog steeds geen barst van.

Advertenties